Eddy Enhoenog

Het is een opvallend fenomeen. Nu de cafés, tavernes en eethuizen al een tijdje dicht zijn, begin ik ze te missen.

Een aantal zaken hebben ze gelijk, deze onbekende vrienden. Meestal weet je niet waar ze wonen. Een gsm-nummer heb je niet. Met een beetje geluk ken je hun familienaam, maar vaak niet.

Nu denk je misschien: ik heb die niet, van die cafévrienden. Ik durf het te betwijfelen. Ik denk dat iedereen er heeft. Bijvoorbeeld iemand die je vaak ontmoet in de cafetaria van het zwembad als de kinderen in het water ravotten. Of het koppel met wie je na de film een praatje maakt. Of met de man die elke woensdag met de markt op hetzelfde tijdstip een koffie drinkt in het koffiehuis.

Nu al die plekken gesloten zijn, ontmoet je elkaar ooit in de supermarkt.  Of op straat. Dan knik je beleefd of je zwaait naar elkaar, zoals truckchauffeurs of bikers dat doen, omdat ze tot dezelfde groep behoren.

Maar een praatje maken doe je daar niet. De magie zit tegelijk in de locatie waar je elkaar in normale omstandigheden tegenkomt.

Ook is er meestal een gemeenschappelijke interesse. Bijvoorbeeld sport, kunst of politiek.

Zo heb ik het thuis ooit over Eddy. Ik zag hem regelmatig in de zaak met de Parijse terrastafels.

“Eddy heeft die film gezien”, zeg ik dan. Of: “Eddy is pas in dat restaurant geweest.”

“Welke Eddy?” “Tja, Eddy van dinges”.
“Eddy en hoe nog?”
“Zijn familienaam ken ik niet.”
“Waar woont hij?” “Dat weet ik ook niet.”

Er wordt al eens smalend over hem gedaan. “Aaaah, Eddy vertelde dat zeker.” Alsof ik hem verzonnen heb. Dat hij een onzichtbare of een denkbeeldige vriend is, zoals kinderen er ooit eentje hebben in een film of in een jeugdboek.

Maar hij bestaat echt. Al zie ik hem nu niet meer zo vaak. Eddy Enhoenog.

Related Post

Ben ik een aap?Ben ik een aap?

Onze jongste heeft vrienden op bezoek. Of het niet stoort, vraagt hij vooraf. Natuurlijk niet. Het gezelschap zet zich aan de tafel in de woonkamer. De gezelschapsspellen liggen klaar. “Ben

ZeepZeep

Vergissen is menselijk, luidt het gezegde. Het is me zeer bekend. Over mijn bestaan als mens bestaat bijgevolg geen enkele twijfel. Al was het nipt, want ik ben een nakomertje.

GeposeerdGeposeerd

“Bij de grote boom of bij het tuinhuisje?” Dat moet de vraag ongeveer geweest zijn, net voor het nemen van de communiefoto na de mis. Ik moest in oktober van