Allesbehalve super in Nederland

Het doet me veel plezier dat mijn verzamelbundel ‘Allesbehalve super’ alsmaar meer in Nederlandse bibliotheken opduikt. Zo vind je al exemplaren in o.a. Amsterdam, Rotterdam, Utrecht, Den Haag en Maastricht, maar ook hier net over de grens in Valkenswaard. Mijn dank is groot, waarde Nederlandse vrienden.

Ik ben me ervan bewust dat sommige Vlaamse woorden voor jullie niet altijd even duidelijk zijn. Dat las ik ook in sommige Nederlandse recensies.

Om jullie hierin een beetje te helpen, heb ik een verklarende woordenlijst opgesteld.

Eerst staat de titel van het verhaal, vervolgens het paginanummer en daarna het woord met de verklaring.

Verdere aanvullingen of opmerkingen zijn natuurlijk altijd welkom. Veel leesplezier!

  • Niet russen, blz. 22
    russen: dialect voor wrijven
  • De koffiesopper, 44
    soppen: voedsel in een drank dopen (in dit geval een speculaaskoek)
  • De Vallingman, 40
    valling: verkoudheid
  • De hotelgast, 42
    gsm: mobieltje
  • Zonder tegenbericht, 46
    stoeberen: stof maken, bijvoorbeeld bij droog weer als je je voeten niet opheft
  • In het ziekenhuis, 60
    ambulancier: bemanningslid van een ambulance
  • Allemaal hupkes, 63
    hupke: klein persoon of dier
    plateau: dienblad
  • Pingpongen, 67
    Hoger Lager: populair en behoorlijk eenvoudig spelprogramma uit de jaren ‘80
  • Het bakske, 71
    bakske: kan meerdere betekenissen hebben, hier staat het voor een gsm of mobieltje
  • De revolte van de Rudi’s, 76
    patron: uitbater van een café (patron betekent baas in het Frans)
    vakbondsbetoging: minder gekend in Nederland vermoed ik. Hier vinden ze regelmatig plaats. Meestal in Brussel. Het woord zegt zelf wat het betekent.
    VRT: onze nationale omroep (Vlaamse Radio en Televisie)
    – Rudi Vranckx: beroemde journalist bij diezelfde VRT
  • Frankie en ik, 78
    Frankie Loosveld: personage uit de legendarische tv-serie Het Eiland, dat zich op de administratie van een bedrijf afspeelde, waar hij voor een ludieke sfeer probeert te zorgen. Een rol van Wim Opbrouck.
  • Complementen, 82
    complementen verkopen: streek verkopen, hoogdravend doen
  • Stapelen, 84
    Kwartjes en halve franken: oud Belgisch geld
  • Brillenland, 86
    Op het gemak: dialect voor het toilet, wellicht omdat je er op je gemak (rustig) zit – zie ook Chips en oortjes, 137
  • Vergeetwoorden, 94
    bijkans: synoniem voor bijna
  • Het lekkerste, 96
    frikandellen: dat zegt men in Vlaanderen tegen jullie curryworsten
  • Van katoen geven, 102
    de koer: oud dialect voor het toilet, in bijvoorbeeld een café
  • De supporter, 102
    coureur: synoniem voor een wielrenner. Opgelet! Het is geen autocoureur.
  • De foto, 110
    Bokrijk: openluchtmuseum met oude huizen in de stad Genk (provincie Limburg), met een prachtig natuurgebied in de omgeving, o.a. ‘Fietsen door het water’. De laatste jaren kreeg het museum een frisse opwaardering en komen er ook andere kunstvormen aan bod.
  • De Provence, 117
    Op een goei wei staan: uitdrukking waarbij men wil zeggen dat de persoon redelijk wat kilo’s is bijgekomen.
  • Op afstand, 120
    Frank Deboosere: onze weerman bij de VRT
  • Het is rap gebeurd, 135
    accident: ongeval (dezelfde betekenis in het Frans)
  • Valentijnsvoeten, 141
    haspelen: onhandig struikelen
  • Het lukt niet, 143
    Blokken: populair spelprogramma bij de VRT
  • Het is een soep, 145
    Jeroen Meus: beroemde tv-kok in Vlaanderen. Presenteert o.a. Dagelijkse Kost, dat al jaren op de televisie loopt.